Bekijk de video voor een demonstratie van deze werkvorm of lees de beschrijving, inclusief variaties, aandachtspunten en tips. Suggesties voor toepassing van deze werkvorm:

1-op-1 coaching

probleem analyse

besluit vorming

systemisch werk

creatief proces

context

De grijze kanten van de kaarten zijn ontworpen om tafelopstellingen mee te doen. Als je niet opgeleid bent tot opsteller, dan gebruik je deze kant van de kaarten om ‘tekeningen’ mee te maken. Bijvoorbeeld van de relatie tussen een medewerker, zijn/haar leidinggevende en een verandering in de organisatie.
In deze werkvorm is de opstelling of de tekening het startpunt. De werkvorm is erg geschikt voor individuele coaching.

demonstratie 

beschrijving

  1. Maak een opstelling of tekening met behulp van de grijze kanten van de kaarten. Gebruik niet meer dan 5 verschillende representanten/kaarten.
  2. Kijk er samen naar. Controleer of hoe de kaarten liggen, een goede weergave is. Zo niet, pas het aan.
  3. Laat de ander bepalen van welke kaart hij/zij de vraag (die op de andere kant staat), als eerste wil beantwoorden. Laat de vraag nog niet lezen.
  4. De volgende stap is om de context van de vraag te bepalen. Is het een vraag die vanuit die specifieke positie gesteld wordt aan degene die de situatie inbrengt? Of is het een vraag die die persoon aan zichzelf stelt? Of is de vraag een richtingaanwijzer voor een oplossing?
  5. Laat de ander de vraag lezen en beantwoorden.
  6. Werk zo alle posities met alle vragen af. Of stop eerder, wanneer het bespreken voldoende inzicht heeft opgeleverd om tot nieuwe oplossingen te komen.

variaties

  • Als je extra kaarten toevoegt, bespreek dan eerst of je een positie toevoegt, of een vraag inbrengt. Je zou namelijk van de vraag ook een representant kunnen maken.
  • Bouw de spanning op. In plaats van de kaart om te draaien en de vraag gelijk zichtbaar te laten zijn, is er één iemand die de vraag bekijkt. Begin vervolgens te vertellen over een mogelijk antwoord. Je draait opnieuw het gesprek om. Anderen weten het antwoord maar niet de vraag, extra interessant om vanuit hier gezamenlijk het gesprek verder te voeren. Later kun je de vraag laten zien. Je gebruikt de verwarring die deze aanpak oplevert om nieuwe verbindingen tot stand te brengen.
  • Als je bij stap 4 besluit dat het bijvoorbeeld de leidinggevende is die de vraag aan de medewerker stelt, draai dit dan om: het is de medewerker die graag een antwoord van de leidinggevende wil.

aandachtspunten en tips

  • Beperk bij stap 1 het aantal tot maximaal 5 kaarten die als representant dienen. Zo houd je overzicht. Je kunt later altijd gemakkelijk meer kaarten toevoegen.
  • Houd je aan de structuur, laat je niet verleiden om te veel te variëren. Het gesprek duurt gewoonlijk niet meer dan 15 minuten. Te veel uitwijdingen en variaties maken het vaag en onbetrouwbaar.
  • Ga fysiek op verschillende plekken zitten ten opzichte van de opstelling of de tekening. Het veranderde perspectief levert direct een ander beeld op.

jouw ervaring

Heb je ervaring met deze werkvorm? Leuk als je deelt hoe je het gebruikt hebt. En nog leuker als je je eigen variaties en tips toevoegt! Schrijf je reactie in het witte vlak hieronder.

Bepaal zelf of je je naam en eventueel contactgegevens toevoegt maar reacties die te veel naar promotie neigen, zullen worden verwijderd.

 

0 Comments